Auteur Archief

150 jaar Daams’ Molen – In gesprek met Dirk Brouwer

In aanloop naar het jubileumweekend van Daams’ Molen hebt u een aantal artikelen kunnen lezen over degenen, die het hart van de molen vormen, nl. het molenteam. Het is al enkele weken stil in en rondom de molen. Het Corona virus heeft ons allen in de greep. Maar computers en telefoon zijn goede gesprekspartners. Het interview met Dirk Brouwer, molenaar in hart en nieren, willen wij u niet onthouden. Veel leesplezier gewenst. (Willemijn Poort)

Hoe gaan jullie als molenaars om met deze lastige periode?
Af en toe zullen we de molen moeten laten draaien om te inspecteren of er geen problemen zijn. Dit doen we dan, rekening houdende met de huidige regelgeving, met max. twee mensen en helaas zonder bezoek.

Heb jij trouwens molenaars in de familie?
Mijn voorouders waren schippers, bierbrouwers en molenaars. Ze leefden kun je zeggen van de wind: Vento Vivimus!

Dus toch molenaars in de familie?
Volgens een koopakte uit 16 september 1748 kan één  van mijn voorvaderen zich de trotse eigenaar noemen van: Twee windmolens staande tot Noordbroek.
Sterker nog, in de Groningsche volksalmanak van 1927 is een lijst opgenomen met molenaars waarvan er maar liefst zes nakomelingen zijn van mijn vroegere voorouders.

Kom je zelf ook uit Groningen?
Ja, ik ben in Bedum geboren en in de stad Groningen getogen. Technische opleiding gevolgd,  getrouwd en gaan wonen en werken in  Oude Pekela.
Het centrum van de strokarton! Roerige tijden, veel stakingen.  Stro werd al snel vervangen door oud-papier als grondstof voor de het maken van karton. Kartonmachines werden omgebouwd, zelfs een nieuwe kartonfabriek in Winschoten uit  de grond gestampt.

Zijn jullie toen naar Winschoten verhuisd?
Nee, helaas stortte de papiermarkt in! Gloednieuwe fabriek dicht. Personeel ontslagen en op zoek naar ander werk.

Klinkt heftig en is het gelukt?
Dat was het ook. Uiteindelijk ben ik in het technisch onderwijs in Veenendaal terecht gekomen. Hierin heb ik zeker m’n draai gevonden.

Maar hoe kwam je dan in Vaassen terecht?
Door in 1984 leraar aan de Chr. MTS in Apeldoorn te worden, een woning te zoeken en zo uiteindelijk in Vaassen terecht te komen. Hier wonen we nog altijd met plezier.

En toen is het met de molen begonnen?
Nee, dat gebeurde pas nadat ik in 2010 vroegtijdig met pensioen ging. Van lieverlee kregen we meer tijd voor het oppassen bij de kinderen, wandelen van Lange afstands-Wandelpaden (LAW’s), bezoek aan musea , reizen, sporten, lezen, vakanties, etc. En dan praat ik nog niet eens over wat we vroeger allemaal aan hobby’s deden.

Zoals?
Hobby’s die vooral met wind te maken hebben. Vento Vivimus!
Van  grote drie dimensionale vliegers bouwen, (platbodem)zeilen en pijporgel(tjes) bouwen.

Vanaf wanneer begon de belangstelling voor de molen dan?
Dat was nadat de molen verhoogd was en men molenaars zocht. Gerrit, Ruud en ik hebben ons toen aangemeld en onder de bezielende leiding van Andries de opleiding gevolgd en geslaagd. Ook Rudy v.d. Beld, molenaar op de Werklust in Oene, mag ik hierbij zeker niet vergeten.

Achteraf  jammer dat je er niet eerder aan bent begonnen? 
Misschien, maar ik denk dat veel van mijn interesses en ervaringen op de molen goed van pas komen. Met de ervaring uit het bedrijfsleven kan ik me nuttig maken met het bedienen en technisch onderhouden van de molen. Met ervaring uit het onderwijs hoop ik kennis over te kunnen brengen  en vanuit m’n hobby’s heb ik om leren gaan met weer en wind.  Een stukje levenservaring is ook wel belangrijk.

Maak je nog leuke dingen mee op de molen?
Elke keer dat ik naar de molen ga, vind ik al een feestje.
Die keer bijv. dat men dacht een uil te horen. Niemand wist dat we een orgelpijp in het wiekenkruis hadden bevestigd. Flauw he?

Wil je ons nog iets meegeven?
Laten we hopen dat ons jubileumfeest een bevrijdingsfeest mag worden, al wordt het misschien een bescheiden feestje!

Mensen hou vol, veel sterkte!

150 jaar Daams’ Molen – aan het woord Andries Higler

Daams’ Molen bestaat 150 jaar. Op vrijdag 3 juli en zaterdag 4 juli is het feest. Alle reden om de molen en haar team in het zonnetje te zetten. Deze keer is dat molenaar en stimulerende kracht Andries Higler. (Tekst Willemijn Poort)

Dat de nu 76-jarige Andries belangstelling heeft voor techniek klopt wel.  Getuige zijn opleiding tot werktuigbouwkundige. In de praktijk pakte het anders uit. Bij Philips was hij werkzaam in Hilversum in de automatisering, planning en logistiek. Hij trouwde met Ria en verhuisde vervolgens via Gouda naar Apeldoorn. Daar wonen ze nog steeds. Vorig jaar hing er een spandoek aan Daams’ Molen met een felicitatie voor dit 50-jaar getrouwde paar. 

Die in de molen komt wordt licht bestoven
Zijn bemoeienis met de molen begon ruim 20 jaar geleden. Het kwam eigenlijk door de slager in Apeldoorn, die hem vroeg om een keer mee te gaan naar de grondzeiler in Warken. Daar is zijn belangstelling gewekt. De techniek van de molen interesseerde hem. Anders dan in een IC fabriek, zie je in een molen daadwerkelijk wat er allemaal gebeurt. Op zijn 55e begon Andries aan de opleiding tot windmolenaar. Twee jaar heeft hij toen in verschillende molens stage gelopen. Hij noemt zichzelf nog steeds Heggemulder. Een samenstelling van Heg wat ‘niet echt’ betekent en Mulder = molenaar. Letterlijk dus een onechte molenaar oftewel een rondtrekkende molenaar zonder molen, die zich per dag verhuurt. Eenmaal gediplomeerd was hij vnl. bezig op de molens in Warnsveld, Deventer, op de Wilpermolen in Posterenk en op de watermolen in Wenum. Bij deze laatste molen is Andries, als lid van het Houtzagersgilde, nog steeds actief betrokken. Vanuit zijn contact in Posterenk is hij bij Daams’ Molen terecht gekomen. Door het molenbestuur werd hem gevraagd de drie in opleiding aanwezige molenaars te begeleiden. Toen deze molenaars, Gerrit, Dirk en Ruud, slaagden is Andries gebleven. Zij vormen nog steeds een hecht team. Ieder met zijn eigen verhaal of zoals Andries het verwoordt: je moet 4x langs komen om alles over Daams’ Molen te weten te komen.

De molen draait niet met de wind van gisteren
Naast de techniek heeft Andries zich vele anekdotes eigen gemaakt. Zijn verhaal zit vol spreuken en gezegdes.  Zo heb je ook de taal van de wieken, waarbij de stand en zeilen een rol spelen. Vroeger gebruikte men dit als communicatiemiddel. Nu kennen we nog de verschillende standen van de wieken, zoals feeststand en rouwstand. Bij de geboorte van zijn vier kleinkinderen heeft hij bij verschillende molens de wieken in feeststand gezet. Op de vraag of hij nog tijd heeft voor hobby’s begint Andries te lachen. Momenteel doet hij het wat rustiger aan, maar hij houdt van het buitenleven. Lekker op de fiets langs de IJssel of door de bossen. Hij is druk met zijn tuin, die behoorlijk van omvang is en waarvan hij letterlijk de vruchten plukt. Ook is hij ruim 25 jaar actief lid van het Apeldoornse mannenkoor Bel Canto, met naast zang diverse bestuursfuncties.

Een stille molen maalt geen meel
Op dit moment zijn in Nederland 200 watermolens en ruim 1.000 windmolens in bedrijf.  Het molenbouwersvak wordt vaak van generatie op generatie doorgegeven. Elke regio heeft zijn eigen molenbouwer en uitstraling. Andries schat dat er nog zo’n 10-15 molenbouwers in Nederland zijn.Iedere woensdag is Andries in Daams’ Molen te vinden. Zijn grote wens is om wat maalgoed te hebben. Hij denkt hierbij aan regelmatig een portie van 150-200 kg. Het is het beste voor het behoud van de molen en met een halve dag draaien wordt het leuker voor de molenaar.

Corona-virus

I.v.m. het corona-virus gelden in het land vanaf zondag 15 maart beperkende maatregelen voor samenscholing van mensen. In het verlengde van deze maatregelen heeft de Stichting Vaassens Molen besloten geen publiek meer te ontvangen op de molen zolang deze beperkingen van kracht zijn.